Die vraag stelde mijn oudste mij terwijl ik online schoenen aan het shoppen was en zij met mij meekeek. Hoe bedoel je, was mijn vraag. Nou, alle jongensdingen zijn altijd in het blauw, grijs of zwart. Waarom houden jongens niet van rood, roze en geel?

Even overwoog ik haar te vertellen over mijn visie op de kledingindustrie; hoe jongens snel in saaie kleding gestoken worden, puur omdat je bij de Hema, Hennis en Zara weinig in kleur kunt krijgen. Dat daardoor een kind in zijn jongste levensjaren volledig beïnvloed wordt en met twee jaar al zegt dat roze voor meisjes is. Maar ik bedacht me en zei dat haar broertje het volgens mij fantastisch vindt om een roze broek te hebben en dat we die maar eens moeten gaan scoren binnenkort. Vraag beantwoord, zaak afgedaan. Voor haar.

Maar voor mij niet. Ik vroeg mij af; wat vind ik hier nu eigenlijk van? Wat vind ik van de vragen van een kind, waarop mijn antwoord dikwijls is ‘omdat iemand heeft bedacht dat dat zo hoort’. Van nature krijg ik altijd een beetje jeuk van dit soort dingen. Hoezo ‘omdat het zo hoort’? Waarom mag een jongetje van drie niet in de prinsessenjurk van zijn zus buitenspelen? Waarom mag een meisje van zes, nu zij zes is en geen drie meer, niet in haar neus peuteren? En waarom lakt mama wel haar nagels en papa niet? Allemaal omdat iemand heeft bedacht dat het zo hoort. En tja, ga ik mijn kleine meid dan zo opvoeden? Want dit soort dingen komen dagelijks voorbij. Benen een beetje bij elkaar schat, dat is netjes…

Hoe ouder je kindje wordt, hoe meer het geconfronteerd wordt met dingen ‘die zo horen’. En dat vind ik eigenlijk niet zo leuk. Ik hou van de onbevangenheid waarmee onze jongste zoon trots zijn blauwe nageltjes laat zien. En ik hou van de super harde boeren die onze apenkoppen aan tafel laten. Nee, dat is niet netjes, maar lol hebben we wel. Lak hebben aan de regels, ik vind het heerlijk af en toe. En antwoord geven op de moeilijke vragen? Tja, ik moet eerlijk zeggen dat ik het soms wel makkelijk vind om te antwoorden dat het nu eenmaal niet anders is. Want leg maar eens uit waarom het groene poppetje bij het voetgangersstoplicht een meisje is en geen jongen. Sowieso is dat onmogelijk uit te leggen. En in de drukke ochtendspits heb ik daar natuurlijk ook gewoon helemaal geen zin in. Overigens, over het antwoord op de vraag waarom speelgoed opgeruimd moet worden, pieker ik niet om dat steeds uit te leggen. Dat is soms ook gewoon ‘omdat ik dat wil’.